Dans, theater en muziek voor en door buurtbewoners

kwvdbalberthoex1Jaren geleden woonde hij aan de Amsterdamseweg op de plek waar nu het Cito-gebouw staat. Regelmatig kwam hij door de Burgemeesterswijk als hij naar Sonsbeek ging. Het pand van het voormalige Drukkerietje aan het Burgemeestersplein, daar had hij wel willen wonen. Albert Hoex is artistiek directeur van De Plaats, het Arnhemse muziektheater dat in april volgend jaar onze wijk verandert in een bruisend cultureel centrum met muziek-, dans- en toneelvoorstellingen voor en door wijkbewoners op verrassende plekken in de wijk.
In het project Kwartier van de Burgemeester staan de bewoners van de Burgemeesterwijk centraal. Ze zijn theaterdirecteur, schenken koffie en thee, spelen mee in een van de vele voorstellingen of zijn gewoon theaterbezoeker. De voorstellingen komen tot stand onder begeleiding van professionele mensen als drama- en muziekdocenten, waar mogelijk ook uit de buurt. Lukt dat niet dan zorgt De Plaats voor begeleiders.

’Amateurs laten uitblinken…’
“Er is altijd een kloof geweest tussen professionele en amateurkunst, daar willen wij vanaf”, stelt Hoex, “met die professionele begeleiding willen wij de amateurs laten uitblinken. Daar gaat het om!”
Het is niet de eerste keer dat De Plaats op deze manier met wijkbewoners werkt. Dit jaar was de tweede editie van Spijkerkwarts, een vergelijkbaar project in het Spijkerkwartier. En voor januari 2013 staat WestWaarts, een project in Heijenoord en Lombok, op de agenda.
“Toen we begonnen in het Spijkerkwartier dachten we 6 scènetjes te maken. Dat is wel het minste. Mensen moeten wel het idee hebben dat er iets aan de hand is, dat er iets gebeurt in de wijk. Uiteindelijk werden het er 24 en konden we vier verschillende routes maken.”
Voor WestWaarts zijn op het moment 120 mensen bezig met 18 verschillende scenes. Hoex ziet wel verschil tussen de deelnemers aan dit project en aan Kwartier van de Burgemeester. “In Heijenoord zijn veel mensen met muziek bezig, dat zie je terug in het programma. De Burgemeesterwijk is altijd veel meer gericht geweest op beeldende kunst. Dat zal dan ook zeker terugkomen in de voorstellingen.”Voor Kwartier van de Burgemeester wil De Plaats 15 scènes maken. Daarvoor zijn op zijn minst 60 tot 70 spelers nodig. Het is natuurlijk de vraag of dat gaat lukken. Hoex vindt het spannend, maar heeft er alle vertrouwen in. “De cultuurcommissie van de Burgemeesterwijk is erg enthousiast en wij hebben veel ervaring met dit soort projecten. Iedereen is welkom, het is een kortlopend project in de vertrouwde omgeving van je eigen buurt en onder professionele begeleiding.”

‘Nooit geweten dat daar iets was…’
Allereerst moeten bewoners hun huis of haard als locatie beschikbaar stellen. Dat moeten locaties zijn waar minstens 12 toeschouwers in kunnen. “In jullie wijk zijn heel veel mooie grote huizen. Het kan in woonkamers, maar ook op zolders. Verder ben ik ook altijd op zoek naar verborgen plekken in een wijk, plekken waarvan iedereen na afloop zegt: ‘nooit geweten dat daar iets was…’. Ik wil ook graag iets met de winkels op het pleintje en ik ben heel benieuwd naar de achtertuinen in de wijk. In april is het weer goed genoeg om dingen buiten te doen.”
De locaties zijn het uitgangspunt voor de scene die er gespeeld gaat worden. “Ik zou niks kunnen verzinnen zonder de locatie. Als ik een locatie zie, heb ik vrij snel een idee. Stel, je hebt een kamer met alleen maar rode meubels, dan kan ik een blauw trauma als onderwerp bedenken. Bij elke locatie formuleer ik in een paar regels een idee, in dit geval ‘hier woont een man met een trauma van blauw’. Dat trauma kan dan met de zee te maken hebben maar ook met de jurk van zijn echtgenote. Bij dat idee gaan we mensen zoeken.”

Iedereen die geïnteresseerd is en mee wil zingen, dansen, acteren of muziek maken kan zich opgeven. “Gevraagd wordt naar een korte omschrijving van wat iemand kan, wat hij of zij al gedaan heeft en waar hun interesse ligt; we vragen bijvoorbeeld wat hun favoriete boek is. Het kan zijn dat er ook mensen van buiten de wijk meedoen. Als een wijkbewoner bijvoorbeeld in een bandje speelt of lid is van een koor, kunnen die ook meedoen, ook al komen niet alle leden uit de wijk.”

‘In het maakproces zit heel veel lol’
“Er moet niets, maar er zijn wel spelregels. Het is niet de bedoeling dat iemand zegt: ‘Ik doe wel vaker iets met mijn buurman en dat kunnen we mooi laten zien’. Het is de bedoeling dat we voor dit project nieuwe combinaties maken van mensen en locaties. De mensen gaan aan de slag met het idee dat bij de locatie hoort en maken onder begeleiding hun eigen nieuwe voorstelling. Vier repetities, dan moet de voorstelling staan, dan heb je kwaliteit.”
Abert Hoex bewaakt de artistieke kwaliteit van het project. Hij is betrokken bij de totstandkoming van de scènes, maar maakt ook de verschillende routes. Daarbij houdt hij rekening met verschillende factoren. “De locaties binnen een route moeten niet te ver uit elkaar liggen – je moet het wel binnen een bepaalde tijd kunnen lopen – en de voorstellingen moeten voldoende afwisseling bieden tussen muziek, dans en theater.”
De wijkprojecten van De Plaats zijn Albert Hoex op het lijf geschreven. Met zijn onderwijsopleiding en zijn regieopleiding komen twee kanten van zijn persoon perfect samen, zoals hij het zelf zegt. En de projecten zorgen ervoor dat een wijk gaat bruisen. “Allereerst heb je de voorpret. In het maakproces zit heel veel lol. En daarna de finale, waarbij 1000 mensen uit de buurt kunnen komen kijken. Stel je voor, je fietst altijd langs een huis in de buurt waarbij je denkt: ‘goh, wat hangt daar nou aan de muur?’, en dan kan je erin!”

‘Je ontdekt dat er heel veel leuke mensen in een buurt wonen’
“Het geeft enorm veel schwung aan een wijk als er zoiets gebeurt. Je ontdekt dat er heel veel leuke mensen wonen. Je komt bij wijze van spreken bij Jan thuis en je ziet Piet dansen. Ook het publiek raakt tijdens een route met elkaar in gesprek. Over de voorstellingen of over de buurt. Heel anders dan in de schouwburg, waar je een voorstelling bekijkt en vervolgens weer vertrekt. Alles komt dichterbij elkaar, de wijk wordt familie. Je voelt dat er banden worden bevestigd en dat er samenhang ontstaat.”
En wie wordt daar nou niet enthousiast van?

Hanneke Nagel

Ook te lezen in Wijkcontact 2012 nr 5